De toezichthouder snapt het niet meer.

De AFM speelt het klaar om met één brief verwarring te scheppen, misleidende informatie te geven en vele financiële dienstverleners op het verkeerde been te zetten. Misschien moet zij haar eigen handleidingen over begrijpelijke, juiste en niet-misleidende communicatie nog eens lezen.

De AFM zorgt voor verwarring met een ‘strikt vertrouwelijke’ brief die zij heel recent aan financiële dienstverleners heeft toegezonden. De brief gaat over een ‘wettelijke wijzing, die gevolgen heeft voor uw vergunning’. De brief suggereert een recente wijziging, maar daarvan is geen sprake. Het gaat om de wijziging van de vakbekwaamheidseisen per 1-1-2014. Vervelender is dat de AFM die wijziging verkeerd uitlegt.
 
De AFM legt uit dat er ook een wijziging is in de aanvullende producten die bij sommige financiële producten mogen worden gesloten. Zo mogen bij bijvoorbeeld een krediet ook ‘betalingsbeschermers’ worden afgesloten en bij een inkomensverzekering ook een ongevallenverzekering. Dat klopt nog wel. Maar daarna legt de AFM uit dat de adviseur voor het bemiddelen en adviseren in die aanvullende verzekeringen moet beschikken over het nieuwe Wft-diploma. En vervolgt met: ‘Als dit nieuwe diploma nog niet is behaald, dan blijft de oude situatie van toepassing’, daarbij verwijzend naar het oude artikel 5 BGfo. En dat is natuurlijk niet waar. Dat oude artikel 5 BGfo bestaat simpelweg niet meer.
 
De uitleg van de AFM komt er op neer dat bijvoorbeeld een hypotheekadviseur zonder nieuw diploma al sinds 1-1-2014 niet mag adviseren in betalingsbeschermers en een inkomensadviseur niet in ongevallenverzekeringen. Maar natuurlijk mag dat wel. Daar is de overgangsregeling tot 1 januari 2017 nu juist voor bedoeld. Elke vakbekwame medewerker van een bedrijf dat op 31-12-2013 in het bezit was van een vergunning mag zonder nieuw Wft-diploma adviseren en bemiddelen in alle aanvullende verzekeringen die het BGfo nu noemt.
 
Wat de AFM in haar brief ook niet vertelt: voor het bemiddelen in financiële producten geldt sinds 1 januari 2014 in het geheel geen diplomaplicht meer. Nu niet en ook niet na 1 januari 2017. Niet voor feitelijk-leidinggevenden en niet voor medewerkers. De diplomaplicht geldt alleen voor ‘adviseren’ (in de zin van de Wft).
 
Natuurlijk prima dat de AFM inventariseert welke financieel dienstverleners nu al aan de diplomaplicht voldoen. Dat de AFM in dezelfde brief aangeeft dat zij maar één diploma per bedrijf wil zien, is bedenkelijk. Alle adviseurs moeten straks toch een diploma? Kortom: de toezichthouder snapt het niet meer. Of is bewust misleidend bezig. Financieel dienstverleners moeten begrijpelijk, feitelijk juist en niet misleidend informeren. De AFM informeert met deze brief financieel dienstverleners onbegrijpelijk, feitelijk onjuist en misleidend. Ik begrijp ook niet wat er ‘strikt vertrouwelijk’ aan de brief zou zijn. Maar ik begrijp wel dat de AFM deze brief graag ‘strikt vertrouwelijk’ had gehouden.

Deel dit artikel

Wellicht ook interessant

Heb je vragen?

Onze opleidingsadviseurs zijn nu telefonisch bereikbaar. Op werkdagen van 08.00 tot 18.00 uur. WhatsApp van 10.00-16.00 uur.

Vraag onze studiegids aan

Het complete aanbod voor ambitieuze financieel dienstverleners ligt weer voor je klaar. Benieuwd naar ons volledige aanbod?

De Wft-PE periode loopt tot 1 april 2022!

Als financieel adviseur moet je je beroepskwalificatie(s) onderhouden. Zorg dat je aan deze eis voldoet met de Wft-PE examens en opleidingen van NIBE-SVV.