Vragen stel je niet voor niets

Als een verzekeraar het niet belangrijk vindt dat een aanvraagformulier volledig is ingevuld: waarom stelt hij die vragen dan?

Het is bij elke verzekeraar regelmatig een dilemma: je krijgt een aanvraagformulier voorgelegd, waarop niet alle vragen zijn beantwoord. Dan kun je twee dingen doen: (1) terugsturen met het verzoek alsnog die vragen te beantwoorden of (2) doen alsof er niets aan de hand is en de betreffende vraag buiten beschouwing laten. (1) kost tijd, is een extra handeling en wordt door de klant/intermediair mogelijk als bureaucratisch ervaren. (2) is veel makkelijker.
 
De klant heeft een auto van om en nabij de € 100.000,- en wil daarvoor een verzekering sluiten. De heel duidelijke en van uitgebreide toelichting voorziene vraag op het aanvraagformulier over een strafrechtelijk verleden laat de klant onbeantwoord. Desondanks accepteert de verzekeraar het risico. En – u voelt ‘m al komen – nog geen drie maanden later claimt de klant schadevergoeding, omdat de auto zou zijn gestolen. Dan doet de verzekeraar alsnog onderzoek en blijkt dat de klant vrij recent bij twee strafrechtelijke procedures (witwassen en belastingontduiking) betrokken is geweest. De verzekeraar weigert uitkering op grond van verzwijging (schending van de mededelingsplicht).
 
De rechter legt haarfijn uit waarom de verzekeraar dat verkeerd ziet. Natuurlijk – aldus de rechter – was het voor de klant duidelijk dat hij zijn strafrechtelijke verleden had moeten melden. Maar de wet is ook duidelijk. Daarin staat dat als een verzekeraar een aanvraagformulier gebruikt, hij zich er niet op mag beroepen dat vragen onbeantwoord zijn gebleven. Daar is maar één uitzondering op: daarvoor moet de verzekeraar aantonen dat de klant hem opzettelijk misleid heeft. Maar het enige bewijs dat de verzekeraar voor opzettelijke misleiding aanvoerde, was het feit dat de klant de vraag niet beantwoord had. Dat vond de rechter niet voldoende. Als het niet beantwoorden al voldoende bewijs zou zijn van ‘opzettelijke misleiding’ dan heeft de wettelijke bepaling dat de verzekeraar zich niet mag beroepen op het niet beantwoorden van vragen geen betekenis meer. Want dan zou ‘niet beantwoorden’ altijd opzettelijke misleiding zijn. Kortom: dat kostte de verzekeraar een dikke € 100.000,- (aan uitkering plus kosten). Maar hé, er was natuurlijk wel lekker efficiënt geaccepteerd.
 
Ik vermoed dat niemand echt van aanvraagformulieren houdt. Een klant of intermediair vindt het vast niet leuk om een aanvraagformulier terug te krijgen met de vraag het alsnog volledig in te vullen. Maar vragen worden niet voor niets gesteld. Een verzekeraar die dat vergeet, vergeet ook dat uiteindelijk zijn andere klanten de rekening daarvan betalen.

Deel dit artikel

Wellicht ook interessant

Heb je vragen?

Onze opleidingsadviseurs zijn nu telefonisch bereikbaar. Op werkdagen van 08.30 tot 17.00 uur. WhatsApp van 10.00 tot 16.00 uur.

Vraag onze opleidingsgids aan

Het complete aanbod voor ambitieuze financieel dienstverleners ligt weer voor je klaar. Benieuwd naar ons volledige aanbod?

De Wft-PE periode loopt tot 1 april 2022!

Als financieel adviseur moet je je beroepskwalificatie(s) onderhouden. Zorg dat je aan deze eis voldoet met de Wft-PE examens en opleidingen van NIBE-SVV.